
Het rijbewijs voor de motor haalt u door te slagen voor één theorie-examen en voor de twee praktijkexamens: het examen Voertuigbeheersing (AVB) en het examen Verkeersdeelneming (AVD). Heeft u een geldig autorijbewijs, dan mag u wel alvast met de praktijkopleiding voor de motor beginnen en zelfs het examen Voertuigbeheersing doen. Heeft u nog geen autorijbewijs dan bent u wettelijk verplicht om eerst in het theoriecertificaat A te behalen vóór u aan de praktijkopleiding begint.
Twee praktijkexamens
Om het motorrijbewijs te halen moet u twee praktijkexamens afleggen. Eerst doet u het examen Voertuigbeheersing (AVB).
Slaagt u daarvoor, dan gaat u door met het examen Verkeersdeelneming (AVD).
Het examen Voertuigbeheersing (AVB)
Tijdens het examen AVB laat u een aantal oefeningen (bijzondere verrichtingen) zien. Tijdens uw lessen bereidt u zich
hierop voor. In totaal zijn er twaalf oefeningen. Van alle oefeningen moet u er zeven uitvoeren tijdens het examen AVB.
Het examen Verkeersdeelneming (AVD)
In het examen AVD laat u zien dat u zich volgens de geldende regels op een veilige manier soepel door het verkeer
voortbeweegt. Uw rijinstructeur en de examinator volgen u in een auto.
Kleding tijdens de lessen en examens
Het is verplicht om tijdens de praktijklessen en de praktijkexamens beschermende kleding te dragen. Dit houdt in
dat u verplicht bent om handschoenen, helm en motorjas te dragen. Deze kan u van de instructeur lenen. Beschermende
schoenen zijn niet aanwezig, dus daar moet u zelf zorg voor dragen. Het beste zijn motorlaarzen,
maar ook bergschoenen volstaan. Met gympen wordt u niet toegelaten op het examen, ook bij de praktijklessen zal er
dan geen les gegeven worden.
Prijzen
Kom bij ons langs voor meer informatie!